![]() |
||
| |
Kippenvel
Taal is voor een vertaler wonderlijke materie: in eerste instantie stug en weerbarstig, om na lang kneden voldoende buigzaam te worden om de gedaante aan te nemen van de oorspronkelijke tekst. Nooit volledig, zeg ik er direct bij, maar dat is het verlies dat elke vertaler moet incasseren. Vertalen begint meestal met het simpel overzetten van de oorspronkelijke betekenis van de woorden in een Nederlands equivalent. Dit is meestal eenvoudig, omdat er hulpvaardige woordenboeken bestaan. Maar de volgende stap is belangrijker, magischer ook. De magie van poëzie vindt zijn oorsprong niet in het verhaal, maar ontstaat in het ritme. Poëzie brengt de lezer of luisteraar in een trance. Det ritme wordt nog versterkt door klankrijm en alliteratie. Ze rijgen de woorden aaneen en zorgen voor een verband zoals elastiekjes om postpakketten. Volrijm, halfrijm, beeldrijm, alle middelen worden ingezet om de taal tot leven te brengen. In een vertaling probeer ik die magie ook in het nederlands zichtbaar, hoorbaar en voelbaar te maken. Dat is mijn belangrijkste drijfveer bij het vertalen van gedichten. Om het met beeldspraak te zeggen: men kan vertalen met het woordenboek, maar men kan ook tijdens het vertalen de linkerarm ontbloot op tafel leggen en in de gaten houden of er kippenvel verschijnt. En Shakespeare en Auden bewerkstelligen vele vormen van kippenvel. |